SHELL – JLR – FevMars2019

EU-parlement stemt voor strenge uitstootnormen in 2030 en reële CO2-uitstoot tests

Vanaf het jaar 2030 moeten nieuwe voertuigen hun CO2-uitstoot met 40 procent verlagen tegenover de huidige situatie met een termijndoelstelling van 20% in 2025. Bovenop moeten 20% van alle nieuwe toegelaten voertuigen binnen de vloot in 2025 en 35% in 2030, minder dan 50 gr/km CO2 uitstoten.

In de praktijk betekent dit dat dit enkel realiseerbaar zal zijn met veel meer plug-hybrides en 100% elektrische voertuigen in het verkeer te brengen. Deze doelstelling werd woensdag 3 oktober 2018 door een meerderheid van de Europese parlementsleden goedgekeurd met 389 stemmen voor, 239 tegen en 41 onthoudingen. De doelstelling 2030 van 40% CO2-uitstootreductie die het EU-parlement goedkeurde is een compromis tussen de 45% die de Commissie Leefmilieu nastreefde en de 30 procent die de Europese Commissie voorstelde. De goedgekeurde doelstelling is volgens het EU-parlement vooral ingegeven door het feit dat de sector van het verkeer de enige economische sector is binnen Europa waarbij het totaal aan CO2-uitstoot nog steeds blijft stijgen. Voor wie de sterke groei van het aantal toegelaten voertuigen in Europa gedurende de laatste tien jaar analyseert, is dit geen verrassing. Het Europees parlement moet over de verdere regeling nog verder onderhandelen met de EU-Commissie en de Europese Raad. De milieuministers van elk van de lidstaten maken volgende week 9 oktober hun standpunten bekend waarna de verdere gesprekken vanaf 10 oktober kunnen starten.

De Duitse autolobby liet reeds weten dat het streefdoel van 40 procent niet realistisch is en vele arbeidsplaatsen zou kunnen kosten en vreest voor een belangrijk concurrentienadeel tegenover sommige Aziatische merken die meer inzetten op elektrische aandrijvingen. Daarom voorziet de nieuwe regeling ook een programma van socio-economische steun en bijkomende vorming voor regio’s die hard zouden getroffen worden indien er veel arbeidsplaatsen zouden verdwijnen naar aanleiding van de verdere elektrificatie van de voertuigvloot. Er wordt ook een ondersteuningsprogramma voorzien in het kader van de batterijproductie binnen Europa om minder afhankelijk te zijn van import uit het verre oosten.

De nieuwe regeling voorziet ook dat een werkgroep tegen uiterlijk einde 2019 een eenvormig infomodel van consumenteninformatie moet voorzien waarin alle schadelijke uitstootwaarden incl. CO2 worden opgelijst zodat een snelle en eenvoudige vergelijking tussen verschillende voertuigen mogelijk wordt. Vanaf 2025 moet dit infomodel worden uitbreid met de schadelijke emissies over de volledige levenscyclus van het voertuig. Het Europees parlement heeft ook de opdracht gegeven aan de Europese Commissie om binnen de twee jaar een geuniformiseerd testprotocol op te stellen voor het meten van de CO2-uitstoot onder reële rijomstandigheden met draagbare testapparatuur zoals dit nu al mogelijk is voor het meten van de NOx uitstoot. De NOx-test (ook wel RDE-test genoemd) wordt door bepaalde autoconstructeurs reeds vandaag uitgevoerd en zal vanaf 1 september 2019 verplicht zijn voor alle nieuwe voertuigen die in het verkeer worden gebracht. Het is intussen alom geweten dat vele Europese constructeurs moeite zullen hebben om de gemiddelde CO2-uitstoot norm van 95 gr/km (voorlopig gemeten volgens de NEDC 1.0 norm) voor hun vloot te halen in de periode 2020/2021.

Daarom zal het nodig zijn om meer elektrische en lage emissie voertuigen te verkopen om mogelijke boetes te vermijden al zijn er ook bonussen voorzien waarbij elk voertuig met een CO2-uitstoot lager dan 50 gr/km zal gerekend worden als 2 inhet jaar 2020, 1.67 in 2021, 1.33 cars in 2022, en 1 voertuig in het jaar 2023. Ook mogen bepaalde constructeurs hun vloten samennemen als zogenoemde “pools” om gezamelijk hun doel te bereiken en zijn constructeurs met minder dan 10.000 nieuwe voertuigen per jaar van deze boeteregeling uitgesloten. Bepaalde technologische vernieuwingen kunnen ook bonuspunten opleveren.  

De grootste zorgen veroorzaken de huidige consumenten die na de dieselgate massaal zijn overgeschakeld op benzinemotoren die de gemiddelde CO2-uitstoot van de merkenvloten opnieuw laat stijgen. Vandaag brengen vele Europese constructeurs op vraag van de consumenten benzinemodellen op de markt in het lagere en midden SUV’s en monovolume segment met benzine turbo motoren tussen 1.0 en 1,3 liter die vaak een voertuiggewicht van meer dan 1700 kg moeten voortbewegen met explosieve reële CO2-verbruikcijfers tot gevolg bij een vlotte rijstijl.  Ook dat vormt steeds meer een probleem om de toekomstige europese normen te halen binnen de sector verkeer zoals in diverse klimaatakkoorden werd voorzien. Begin deze week besliste de Duitse regering dat Duitse constructeurs EURO5 en bepaalde EURO 6 diesel met hardware SCR-catalysatoren zal moeten narusten via een terugroepprogramma om een mogelijk dreigend rijverbod van milieuonvriendelijke dieselvoertuigen in 14 grote Duitse steden te vermijden. Als alternatief kunnen consumenten hun voertuig inleveren en met een zeer grote korting een nieuw milieuvriendelijker voertuig aankopen. Deze regeling is enkel beperkt tot Duitsland.

Toon meer nieuwsjes