SHELL – JLR – FevMars2019

Mobiliteitsbudget mogelijk maat voor niets voor mobiliteit als details van de wet niet behoorlijk ingevuld worden

De federale regering legt momenteel de laatste hand aan het wetsvoorstel rond het mobiliteitsbudget. De leasingsector steunt de basisprincipes van het voorstel maar vreest dat als niet alle details goed geregeld zijn, de meeste gebruikers een financiële optimalisatie zullen doorvoeren zonder hun mobiliteitsgedrag ook maar iets te wijzigen.

Kort gezegd komt het wetsvoorstel erop neer dat een gebruiker zijn huidige bedrijfswagen kan inruilen voor een milieuvriendelijker maar vooral goedkoper voertuig en de rest van het budget kan besteden aan fiscaal vrijgestelde duurzame mobiliteitsmiddelen en/of dit bedrag opnemen als nettoloon (mits afdracht van een kleine 40% aan sociale zekerheidsbijdragen). De lijst van die duurzame mobiliteitsmiddelen zou deels in de wet, deels bij koninklijk besluit worden vastgelegd.

 

“Doordat er in de voorlopige tekst geen enkele verplichting staat om ook maar 1 euro aan duurzame mobiliteitsmiddelen te spenderen, verwachten we dat het gros van de mobiliteitsbudgetten zal bestaan uit een iets kleinere, goedkopere bedrijfswagen, aangevuld met gunstig belast loon”, zegt Frank Van Gool, Algemeen Directeur van Renta, de federatie van de leasing- en verhuurbedrijven. “Zo’n auto blijft dan even hard in de file staan als zijn grotere broertjes”.

 

Daarom is het van belang om de lijst met duurzame mobiliteitsmiddelen zo aantrekkelijk mogelijk te maken, zodat de alternatieven ook écht gebruikt worden.

  • Naast autodelen, openbaar vervoer en de fiets, verdienen ook motorfietsen (“L”-voertuigen, zijnde motorfietsen met 2, 3 of 4 wielen)

een plaats in het budget. Efficiënt in de strijd tegen de files én beter voor het milieu. Vandaag staat slechts een fractie van de ingeschreven motoren op naam van een bedrijf en dat is een gemiste kans.

  • Renta pleit ervoor om -zij het voor een beperkt aantal dagen per jaar- ook klassieke autoverhuur mee op te nemen in de lijst van duurzame vervoersmodi. Dit om mensen die voor een kleiner voertuig kiezen de kans te geven bv. een grotere wagen te huren voor vakantie of verhuis. Dat kan de twijfel bij de gebruiker wegnemen om de overstap te maken.

 

Daarnaast hebben we nog bedenkingen bij de voorwaarde die stelt dat de huidige bedrijfswagen moet omgeruild worden naar een voertuig met

‘lagere CO2’. Door de recente evolutie van de oude NEDC-testcyclus voor CO2

naar de nieuwe WLTP-gebaseerde waarden zou het wel eens heel moeilijk

kunnen worden om alternatieven te vinden die op papier een lagere CO2

uitstoot hebben, zelfs in een kleiner voertuigengamma. Ook de overstap van

diesel naar benzine of CNG zal niet bevorderd worden door een zuiver focus op

CO2. Wij stellen voor om enkel Euro 6 te behouden als criterium. Dit zal het

succes van het systeem ook fundamenteel beïnvloeden.

 

Toon meer nieuwsjes