Worden de verbruikswaarden van een bedrijfswagen die een werknemer kiest in de showroom aangeduid op basis van WLTP-waarden ?

Het antwoord is sinds 1 september 2019 “Ja”. Febiac meldde in haar nieuwsbrief van begin september dat voortaan nieuwe regels gelden voor de verplichte CO2-labels en posters in de verkooppunten van nieuwe auto’s.

Ook voor andere informatiedragers werden er gewijzigde regels vastgelegd. De nieuwe regelgeving is volledig gebaseerd op de WLTP-waarden. Zij heef tot doel de consumenten beter te informeren over het reële verbruik en de CO2-uitstoot van het voertuig en hen toe te laten op een objectievere manier voertuigen binnen en buiten het merk met elkaar te vergelijken.

Uiteraard is dit een vereenvoudigde voorstelling. Het label houdt enkel rekening met de CO2-uitstoot en niet met andere polluenten.

Het voordeel hiervan is dat men nu op een veel bredere basis de WLTP-waarden van alle nieuwe voertuigen kan raadplegen. Een oefening die tot voor kort voor vele fleetmanagers niet eenvoudig was omdat constructeurs of invoerders voor bepaalde modellen de WLTP-waarden met moeite communiceerden.

Let op: voor wie een bedrijfswagen kiest in de showroom wordt één en ander complexer. Bij de keuze van een bedrijfswagen hanteren vele bedrijven grenswaarden voor CO2-uitstoot in hun carpolicy. Deze is in bijna alle gevallen gebaseerd op de NEDC 2.0-cijfers, een kunstmatig teruggerekende waarde die wel de WLTP-norm als vertrekbasis heeft, maar die altijd lager uitkomt. Dit heeft alles te maken met het feit dat men in de fiscale formules als overgangsregel in principe nog tot eind 2020 mag gebruikmaken van deze NEDC 2.0-waarden. De praktijk is nu wel dat wie als werknemer na 1 september een bedrijfsvoertuig gaat kiezen in de showroom in eerste instantie met de WLTP-labels zal geconfronteerd worden en vervolgens met de autoverkoper zal moeten uitzoeken of het model ook voldoet aan de NEDC 2.0-grens die het bedrijf zou hebben opgelegd in zijn car policy. In vele bedrijven worden vaak vooraf bepaalde lijsten van keuzevoertuigen per categorie van werknemers gepubliceerd op NEDC 2.0-basis, maar een werknemer kan in de showroom voor extra opties kiezen of voor een afwijkende motorversie, en dan moet de controle op zowel WLTP als NEDC 2.0 opnieuw worden berekend. De configuratoren van de automerken zullen dat moeten voorzien, wat geen gemakkelijke opdracht is gezien het hoge aantal mogelijke combinaties van motoren, opties en uitrusting.

Dit is allemaal noodzakelijk om te vermijden dat de WLTPen de NEDC 2.0-waarden zouden afwijken tussen het bestelde model en de geleverde wagen.

Inzake WLTP-communicatie naar de eindgebruiker onderscheiden we drie informatiebronnen:

Het individuele CO2-etiket in de showroom en de poster in de showroom

Hierop wordt enkel nog de WLTP-cijfers gepubliceerd zonder NEDC 2.0-waarde.

2 Promotionele middelen/formats/templates (“push” naar de consument), zoals bijvoorbeeld geprinte, audiovisuele, elektronische & social media advertenties (pop-ups, notificaties…) naar de consument.

Hierop worden enkel nog de specifieke WLTPwaarden of -vorken van het weergegeven model vermeld.

Dit mag nog verder aangevuld worden met een “standaardzin” die consumenten uitnodigt om bij de concessiehouder de juiste fiscale informatie in te winnen. Vaak zal men met verbruiksvorken werken om de consument een beter idee te geven in hoeverre de WLTP-waarde kan fluctueren in functie van de gekozen motorversie, uitrusting of opties binnen een bepaald model.

Voorbeeld: Voertuig “x” 5,0 – 5,4 l/100 km • 114 – 122 g/km CO2 (WLTP). Contacteer uw concessiehouder voor alle informatie over de fiscaliteit van uw voertuig.

Andere informatieve middelen/formats/templates (“pull” door de consument), zoals bijvoorbeeld catalogi, prijslijsten, technische brochures, car configurators, webpagina’s enzovoort.

Hier moeten de specifieke WLTPwaarden & -vorken verplicht op de voorgrond worden weergegeven (bv. met groter lettertype, in het vet…). De vermelding van de overeenstemmende NEDC-waarden & -vorken (niet verplicht) Gebeurt bij voorkeur op de achtergrond (op een minder onderscheidende wijze, bijvoorbeeld met een kleiner, smaller lettertype…).

Conclusie

De nieuwe regelgeving heeft het grote voordeel dat constructeurs nu op grote schaal hun WLTP-waarden verplicht moeten bekend maken en/ of publiceren. Dit was tot voor kort om commerciële redenen niet altijd het geval en werd voornamelijk achterwege gelaten bij voertuigen waarvan de WLTP-waarden vrij hoog waren. We herhalen echter dat de WLTP-waarde voor leasingvoertuigen ingeschreven op naam van een erkende autoleasingmaatschappij of ingeschreven in het Brusselse of het Waalse Gewest vooralsnog geen invloed heeft op de berekening van de BIV en de jaarlijkse verkeersbelasting. In de formules voor die voertuigen wordt tot nader order immers geen rekening gehouden met de CO2-uitstoot.