SHELL – JLR – FevMars2019

Workshop BFFMM: aandrijfmogelijkheden en fiscaliteit staan centraal

Als voorzitter van de BFFMM, de vereniging van Nederlandstalige fleetmanagers, had Luc Pissens met zijn leden verzamelen geblazen in de SEAT-gebouwen in Kortenberg. Op het programma stond een sessie die de nodige antwoorden moest bieden op vragen over alternatieve aandrijfmogelijkheden, de nieuwe WLTP-homologatietests en de huidige en op stapel staande fiscaliteit.

SEAT groeit uit tot een volwassen fleetmerk

Als gastvrouw voor deze workshop stak Brigitte Goossens, fleetmanager bij SEAT, van wal met de erg positief gekleurde evolutie van het Barcelonese merk op de professionele markt: “Op Europees vlak laat SEAT een groei van 16% optekenen maar het is vooral de evolutie van onze fleetverkoop die hoge ogen gooit. Onze modellen vallen steeds meer in de smaak bij een professioneel publiek, onder meer dankzij een concurrentiële TCO. Dat heeft zich in de loop van 2017 vertaald in een lokale fleetverkoop van 2.700 auto’s. De toekomst is rooskleurig, of beter nog, groen getint, want vanaf 2019 zal de eerste volledige elektrische SEAT beschikbaar zijn terwijl het merk dan ook een volledige gamma aan CNG-modellen zal aanbieden. CNG is een brandstof waar wij nadrukkelijk in geloven.”

Waarom de fiscaliteit niet opbouwen rond de Ecoscore?

Philippe Awouters is de oprichter van Call 4 Clean Air, een organisatie die studies publiceert, een website onderhoud en deelneemt aan panelgesprekken om maximaal te kunnen lobbyen voor een gezondere lucht. Dat gebeurt bovendien zonder de auto overdreven te stigmatiseren als het op luchtvervuiling aankomt. “Het wegverkeer is niet verantwoordelijk voor alle vervuiling”, herhaalde hij meer dan eens. Hij probeerde ook aan te tonen hoe absurd het wel is om de autofiscaliteit enkel en alleen op de CO2 te baseren. Indicatoren zoals de Ecoscore, de EQUA-index en de Life Cycle Analysis (zogeheten cradle-to-cradle-analyse) geven, volgens hem, een veel correcter beeld van de reële vervuilende impact van voertuigen.

Herinner u dat de Ecoscore nu al door de Brusselse bedrijven gebruikt wordt als sleutelwaarde. Het gaat om een score tussen 0 en 100 die ieder model krijgt toegekend op basis van volgende elementen: uitstoot van koolstofmonoxide (CO), van stikstofoxide (NOx), van koolwaterstoffen (HC), van partikeldeeltjes (PM), maar ook de uitstoot van koolstofdioxide (CO2), het verbruik en het geluidspeil worden in rekening gebracht. Binnen deze methodologie ‘weegt’ CO2 nog slechts voor 50% mee als het erop aankomt de vervuiling van een voertuig in kaart te brengen.

Anticiperen op de WLTP

Michel Willems van Mobilitas, vermaard fiscalist binnen de Belgische fleetwereld, legde aan de hand van een aantal voorbeelden de impact uit die de nieuwe WLTP-homologatienormen zouden kunnen hebben voor de CO2-uitstoot van voertuigen die na 1 september 2018 besteld zijn. Eén ding is in ieder geval duidelijk, u kan er maar beter op voorbereid zijn. Gezien de gemiddelde CO2-waarde met 10 tot 15% zal stijgen in functie van het gekozen model, en gezien het feit dat de Belgische fiscaliteit zo’n doorslaggevend belang hecht aan de CO2 zouden de fiscale gevolgen wel eens behoorlijk zwaar kunnen uitvallen.

Een paar tips van de specialist? Het bestellen van voertuigen, volgens de NEDC-normen, voor 1 september 2018 zou wel eens een verstandige keuze kunnen blijken. Hetzelfde geldt voor het verlengen van bepaalde contracten tot 2020, het moment waarop de autofiscaliteit zal veranderen. Zoveel is alvast zeker: Minister van Financiën van Overtveldt heeft de uitstootwaarden volgens de NEDC 2.0-normering bevestigd tot in 2020.

 

Toon meer nieuwsjes