SHELL – JLR – FevMars2019

Fleet Dating – Slimme tips voor het beheer van een vloot van lichte bedrijfsvoertuigen

Het beheer van een vloot van lichte bedrijfsvoertuigen vergt een zeer specifieke kennis. Daarom heeft link2fleet in november twee sessies van zijn fleet dating georganiseerd die speciaal aan deze materie waren gewijd.

Ter introductie van het onderwerp kwam Steve Vanschoelant (Transformation Support Manager – Volkswagen Commercial Vehicles) de evolutie van het aanbod op het vlak van lichte bedrijfsvoertuigen voorstellen. Van zijn uiteenzetting onthouden we vooral dat modellen bij elke generatie groter worden, maar dat daarom hun capaciteiten niet in dezelfde mate toenemen. “De T6 van Volkswagen verloor bijvoorbeeld 41 kilo aan nuttig laadvermogen in vergelijking met zijn voorganger als gevolg van de steeds strengere veiligheidsnormen en andere regels voor de motoren. Tussen 1991 en 2016 verloren de verschillende generaties van dit model zo in totaal 224 kilo aan nuttig laadvermogen. Dat komt vooral omdat de T4 uit 1991 nauwelijks veiligheidsuitrusting had en zelfs geen stuurbekrachtiging. Vandaag zijn bedrijfsvoertuigen bijna even goed uitgerust als personenwagens, met bijvoorbeeld ABS, veiligheidsgordels en parkeersensoren rondom. Ook het comfort is erop vooruit gegaan, met de veralgemening van elektrische ruiten als voorbeeld. Veel van die zaken zijn in de loop der tijd trouwens verplicht geworden onder druk van de bedrijfsvakbonden. En uiteraard vermindert dat alles het nuttige laadvermogen van de voertuigen”.

Omdat een beeld meer zegt dan duizend woorden, illustreerde Steve Vanschoelant zijn ideeën met een concreet voorbeeld. In een voertuig met een maximaal gewicht van 2.800 kilo loopt het nuttig laadvermogen al snel terug wanneer je daar het leeggewicht van aftrekt, naast de vele accessoires die aan het voertuig zijn toegevoegd op vraag van het bedrijf.

 

MTM 2.800 kg
Leeggewicht 1.884 kg
Nuttig laadvermogen 916 kg
Trekhaak –       16 kg
Houten laadvloer –       45 kg
Airconditioning –       17 kg
Scheidingswand –       23 kg
Dubbele passagiersstoel –       18 kg
Discover Media –       5 kg
Lichtmetalen velgen –       12 kg
Resterend nuttig laadvermogen 780 kg

“Maar de grootste slokop van nuttig laadvermogen is het AdBlue, dat steeds hogere gebruikskosten met zich meebrengt,” zo gaat hij verder. “Febiac ijvert om het nuttig laadvermogen te mogen verhogen, maar er is nog een lange weg te gaan”.

Vervolgens had hij het over de belangrijke criteria bij de keuze van een bedrijfsvoertuig. “Als je een personenwagen moet kiezen, is dat heel gemakkelijk: je kiest voor een “fleet”- of “business”-pack. Bij bedrijfsvoertuigen wordt het plaatje veel complexer. Neem bijvoorbeeld de Transporter: daar bestaan niet minder dan 20 types en 460 varianten van. Er moet dus een keuze worden gemaakt in functie van het gebruik en de noden van elke beroepscategorie”.

Ook het gebruikscomfort speelt een zeer belangrijke rol en kan in sommige gevallen zelfs gevolgen hebben voor het personeelsbeleid. “Vergeet niet dat je werknemers veel tijd doorbrengen in hun voertuig. Als ze zich daar niet goed in voelen, dan zou hen dat kunnen beïnvloeden als ze twijfelen om van werk te veranderen. En als ze zich omgekeerd goed voelen in hun wagen, dan vertellen ze dat verder en kunnen ze zo anderen naar het bedrijf lokken.”

 

Valstrikken

Naast een reeks van deze slimme tips moet je ook opletten voor een paar valkuilen bij de keuze van een licht bedrijfsvoertuig. Dat begint al bij de modelkeuze. Elk formaat past zou bij een gebruikstype of beroep. “Veel zelfstandigen kiezen een pick-up als alternatief voor een SUV om gebruik te kunnen maken van zijn fiscale voordelen. Maar je mag niet vergeten dat het comfortpeil van een pick-up lager ligt dan dat van een SUV. Je mag ook niet uit het oog verliezen dat de laadbak van een pick-up nooit helemaal dicht is. En als je er een deksel aan toevoegt, loopt uiteraard ook het gewicht op”.

Onze spreker wees het publiek ook op het juist inschatten van de benodigde hoeveelheid ruimte. “Een voertuig van het formaat van een Crafter is zwaarder en verbruikt dus meer dan bijvoorbeeld een Transporter. Voor u daarom voor een model kiest, vergewist u zich er best eerst van of het voldoet aan uw beladingsvereisten. Omgekeerd mag men ook een aantal zaken niet onderschatten zoals de motorisering of de gewichtscategorie. Het voertuig mag niet worden overladen want anders zien de remmen, de koppeling, de cilinderkop en dergelijke meer te veel af”.

Een ander element waar tot slot ook rekening mee moet worden gehouden bij de keuze van een licht bedrijfsvoertuig is het aantal ombouwmogelijkheden en hun impact. “Zo is het bijvoorbeeld beter om een vooruitrusting voor een trekhaak te bestellen op een voertuig als u weet dat u op een dag zal moeten slepen. Het nadien installeren op een voertuig zonder vooruitrusting is namelijk veel duurder. Vergeet ook niet dat elke transformatie van het voertuig een impact heeft op het gewicht en dus onvermijdelijk ook op de CO2-uitstoot. Na elke ombouw moet het voertuig een tweede uitstoottest ondergaan. Vandaag heeft de CO2-uitstoot van een bedrijfsvoertuig nog geen impact op de fiscale aftrekbaarheid, maar we weten nog niet wat er gaat gebeuren na 2020…”.

 

Bedrijfswagen goed inrichten

Ombouwen, dat was het onderwerp waar Gisèle Vildaer (Manager Vehicles Conversion – Care4Fleets) het over had. Een van de diensten van Care4Fleets is het begeleiden van klanten bij de inrichting van hun voertuigen. “Het eerste wat je moet doen is de noden bepalen van de eindgebruikers,” zo geeft ze aan. “Indien nodig kunnen we een lastenboek opmaken. Vervolgens moeten we gaan bepalen met wie we gaan samenwerken: de constructeur of een inrichter?”

Bij wijze van advies gaf Vildaer aan dat men voor het plaatsen van een vloerplaat voor bijvoorbeeld schappen of kasten beter een beroep doet op een inrichter, omdat die de ankerpunten van zijn eigen vloerplaat zal gebruiken. Bij de inrichting van het voertuig moet ook worden opgelet dat het niet wordt beschadigd om te vermijden dat de herverkoopwaarde daardoor zakt. “Bij leasing moet u zoveel mogelijk vermijden om bijvoorbeeld gaten te gaan maken in het koetswerk. Als uw voertuigen een ongebruikelijke kleur krijgen, kiest u beter voor een wrap dan voor herspuiten. Op die manier is niet alleen het koetswerk beschermd, maar is ook de herverkoopwaarde meer gegarandeerd”.

Het beheer van een wagenpark van lichte bedrijfsvoertuigen is vaak zeer specifiek per bedrijf in functie van de kernactiviteit, de vereisten en de beroepstak waar het opereert, maar toch kunnen we een aantal goede praktijken uit de sector onder de aandacht brengen omdat zij als voorbeeld kunnen dienen. Dat is waar Geoffroy Dittmann (Aankoopverantwoordelijke – Eloy) en Thomas Tomme (Fleet Manager – Eandis/Fluvius) naar streven. Met 69 aangekochte bestelwagens voor de eerste en 2.500 deels aangekochte en deels gehuurde voertuigen (zowel korte als lange termijn) konden beide bedrijven hun compleet tegengestelde beheermodellen tot in het detail komen voorstellen. U kon deze twee voorbeelden al ontdekken in link2fleet en link2van.

 

Levendige debatten

Het bijzondere van de fleet dating zit hem in de groepswerken waarna de deelnemers vragen kunnen stellen aan een panel van experts. Het zou uiteraard onmogelijk zijn om u hier alle vragen en antwoorden op te sommen die de twee bijzonder levendige sessies opleverden die waren gewijd aan de optimalisering van het beheer van een park van lichte bedrijfsvoertuigen. Toch maakten we een kleine bloemlezing.

Zo kwam de vraag naar de beste keuze tussen leasen en kopen. “Door voor leasing te kiezen, ontdoet u zich van de lasten van de opvolging en het dagelijkse beheer van uw voertuigen en facturen,” zo verklaarde Michel Torton (Sales Supervisor Van Department – ALD Automotive). “U maakt gebruik van de expertise van de verhuurder, van een voordeliger tarief en van onze samenwerkingen op internationaal niveau met de constructeurs. Wanneer u zelf aankoopt, heeft u het voordeel dat u permanent meester bent van uw voertuigen, dat u winst opstrijkt bij de herverkoop en dat u aangerekende schade bij het einde van een contract vermijdt”.

En net dat leidde meerdere vlootbeheerders tot vragen rond hoe deze schade wordt berekend op bedrijfsvoertuigen. Renta, de federatie van verhuurders, heeft een aangepaste norm opgesteld voor bestelwagens zoals die al bestaat voor personenwagens. “Maar onze tolerantiemarge is hier veel groter omdat deze norm vaak te strikt is,” zo gaf Michel Torton toe. “Zo weten we zeker dat een bedrijfsvoertuig van 5 jaar en 120.000 kilometer onvermijdelijk krassen zal hebben op bijvoorbeeld de bumper. Dit soort kleine schade herstellen we trouwens nooit op bestelwagens. Met sommige klanten werken we bovendien niet met de Renta-norm, maar met een vooraf in het startcontract bepaald forfait”. Goed om weten.

Een andere vraag die tot de nodige debatten leidde was die van de motorkeuze. Nu de meeste constructeurs een vorm van alternatieve aandrijving in hun gamma beginnen te integreren, vragen vlootbeheerders zich af of die al een winstgevende investering bieden. Al snel bleek dat de vraag stellen overeenkwam met ze beantwoorden.

“Vandaag blijft diesel dominant in LCV’s. Benzine is enkel beschikbaar in kleine modellen, maar als je koppel en sleepvermogen nodig hebt, is een diesel duidelijk beter. CNG is een goed alternatief, maar in bepaalde regio’s van het land blijft het tanken ervan problematisch. Elektriciteit komt op, maar blijft ondanks alles nog zeer duur,” zo gaf Steve Vanschoelant toe. “Het rijbereik neemt toe, maar blijft nog laag. Uiteindelijk kiest elke constructeur een beetje zijn eigen politiek op dit vlak. Sommige richten zich eerder op elektriciteit, andere op CNG en nog een andere groep richt zijn pijlen op hybridisering, die we binnenkort zullen zien opduiken in de duurdere modellen van bepaalde producenten”.

Wat met de herverkoopwaarde? “Het probleem van deze motoriseringen,” komt Michel Torton tussenbeide, “is dat ze nog snel evolueren. Over een paar jaar zal het rijbereik van elektrische modellen bijvoorbeeld sterk zijn toegenomen. Als gevolg daarvan blijft de herverkoopwaarde zeer laag omdat de elektrische lichte bedrijfsvoertuigen van vandaag over vier of vijf jaar volledig voorbijgestreefd zullen zijn”.

Toon meer nieuwsjes