SHELL

Werknemers van grote Brusselse bedrijven nemen vaker de fiets en minder de auto

Werknemers van Brusselse bedrijven komen minder vaak met de auto naar hun werk. Het aandeel van de auto in het woon-werkverkeer is de voorbije twaalf jaar gedaald van 45% naar 34,6%.

Dat blijkt uit een analyse van de eerste 469 dossiers die Brussels bedrijven indienden bij het departement leefmilieu van het Brusselse Gewest in het kader van hun verplichtingen voor het opmaken van een Bedrijfsvervoerplan (BVP). Sinds dit jaar zijn Brusselse werkgevers bovendien verplicht werknemers met een bedrijfswagen een abonnement op het openbaar vervoer of een fiets aan te bieden. Sinds 2005 zijn Brusselse bedrijven met meer dan 200 werknemers verplicht om een BVP op te stellen. Die verplichting geldt ook sinds 2011 voor bedrijven met meer dan 100 werknemers. Dit betekent concreet dat vandaag 287.000 personen door deze actie bereikt worden, goed voor 40% van de totale tewerkstelling in Brussel. Uit de recente cijfers blijkt de trein met 35,9% het populairste transportmiddel te zijn en verdringt hierdoor de auto van zijn eerste plaats (34,6%).

De trein is sinds 2005 aan een gestage opgang bezig maar de stijging is sinds 2014 sterk afgevlakt. Indien alle openbaar vervoer incl. bussen en trams worden meegerekend verplaatsen werknemers zich vandaag in het Brussels Gewest voor 55% met het openbaar vervoer. Deze score lijkt langzaam op een plafond te stoten wegens capaciteitsproblemen (Brussel Centraal, frequentie van de metro en bussen die in de file staan). Dit kan enkel doorbroken worden nadat het GEN (Gewestelijk Expresnet) volledig is afgewerkt. Grote winnaar is de fiets met een score van 4,5% tegenover 1,6% in 2005. De gestage stijging zet zich sinds 2014 nog sterker door. De verdere populariteit van elektrische fietsen kan een toekomstige groei verder ondersteunen maar vele fietsers ervaren de attitude van andere weggebruikers vaak nog als “fietsvijandig”. Dat de auto wordt teruggedrongen is ook te wijten aan de wegen- en tunnelwerken die het vandaag op piekmomenten ondragelijk maken om zich met de auto in Brusselse binnenstad te bewegen. Snelheden van 6km/u op de Brussels centrumring zijn al lang geen uitzondering meer.

Bovenop kondigde de Brusselse minister van Mobiliteit  Pascal Smet aan om de parkeertarieven in de toekomst nog verder te laten stijgen en zal het aantal publieke parkeerplaatsen op grote lanen verder afnemen ten gunste van duurzame mobiliteit en de uitbouw van P&R parkings aan de Brusselse buitenring. Hij pleit ook voor een verdere verstrenging van de huidige lage-emissiezone. Die startte op 1 januari 2018 maar pas in 2025 zullen dieselvoertuigen met Euro 5-norm geweerd worden. ‘Dat moeten we met minstens drie jaar versnellen’, stelt Smet voor. Tegelijk wil hij zoals andere Europese grootsteden ‘naar een dieselban’ gaan, al plakt hij daar geen tijdstip op. ‘Het doel is: de lucht- en levenskwaliteit verbeteren. Gelukkig is de publieke opinie aan het keren.

De bedrijfsvervoerplannen (BVP) zijn daarom een goede maatregel. Via een BVP moet een bedrijf zijn werknemers aansporen om het openbaar vervoer te gebruiken, door bijv. duidelijke informatie te geven over de dienstregeling en nabije haltes of door ritten volledig terug te betalen. Het bedrijf moet ook kwaliteitsvolle en voldoende fietsenstallingen plaatsen, rekening houden met de Ecoscore van bedrijfsvoertuigen en een actieplan hebben voor vervuilingspieken (bijv. bij Smogalarm). Een werkgever kan dan carpooling organiseren of zijn werknemers van thuis uit laten werken om de vervuiling tegen te gaan. Maatregelen als een carpoolgarantie, een voetgangersvergoeding of een verhuisvergoeding kunnen voorlopig op weinig belangstelling rekenen maar dat kan wijzigen in het kader van het mobiliteitsbudget dat binnenkort in de Kamer zal worden besproken. Er bestaat wel algemene belangstelling voor carpoolparkings en nog meer bedrijfsfietsen.

Michel Willems

Toon meer nieuwsjes