Zoals de vertaling van zijn naam aangeeft is carsharing gebaseerd op een eenvoudig principe: delen. In plaats van een auto te bezitten wordt hij gehuurd per gebruik. Een deelwagen wordt dus zuiver en alleen benut voor een bepaald einddoel en de gebruiker betaalt per kilometer of per uur. Carsharing steunt op de overtuiging dat de meerderheid van de individuele wagens, particulier of op naam van een onderneming, 95 procent van de tijd stilstaan. Dat feit wordt nog meer uitgesproken wanneer de gebruikers in de stad wonen. We moeten trouwens nog duidelijk het onderscheid maken tussen carsharing en carpooling, die ondanks hun gelijkaardige naam twee verschillende verplaatsingswijzen zijn. De eerste, die vaak ook autodelen wordt genoemd, omschrijft het gebruik van één zelfde auto door meerdere personen na elkaar. Wanneer het daarentegen gaat over carpooling, dan leggen meerdere personen tegelijk een traject af aan boord van één voertuig.

 

VOOR- EN NADELEN

Het deelwagenlandschap is de voorbije jaren op meerdere vlakken uitgebreid. De komst van bepaalde technologieën en apps voor smartphones heeft bijvoorbeeld tot de geboorte van nieuwe diensten geleid. Carsharing kan vandaag worden opgedeeld volgens twee gebruiksvormen: autodelen met stations of autodelen met vrij parkeren (free floating).

In het eerste geval moet het gehuurde voertuig worden opgehaald en achtergelaten op hetzelfde station of op een ander station van hetzelfde netwerk. Dit is de oudste manier om auto’s te delen. Aan de ene kant is dit systeem praktisch omdat het betekent dat elke gebruiker gegarandeerd een eigen parkeerplaats heeft. Dat is vooral handig voor elektrische voertuigen. Anderzijds is dit systeem niet zo flexibel en hangt de populariteit ervan vooral af van het aantal stations. Autodelen met vrij parkeren wil afrekenen met dat bezwaar. Met deze oplossing mag de deelwagen om het even waar binnen een bepaalde perimeter worden opgepikt en afgezet. Het grootste nadeel van deze vorm van autodelen is dat de wagen zich nooit op dezelfde plek bevindt.

Diverse startups en bedrijven hebben platformen ontwikkeld waar particuliere spelers zich bij kunnen aansluiten om hun eigen auto uit te lenen of een wagen te ontlenen. Dat is bijvoorbeeld het geval voor Getaround (het vroegere Drivy).

 

VOOR WELK PROFIEL?

Er zou meer moeten worden nagedacht over de integratie van carsharing in de policy van bedrijfswagens, zeker sinds de komst van het mobiliteitsbudget. Er moet echter rekening worden gehouden met het bestuurdersprofiel van de werknemer. Voor een stadsbewoner is de deelwagen de ideale aanvulling op het openbaar vervoer of op andere gedeelde mobiliteitsvormen zoals fietsen of elektrische scooters.

Op die manier kan de werknemer een vrij te parkeren deelwagen gebruiken voor die enkele korte trajecten in de stad, terwijl deelwagens met een vaste standplaats het best passen voor verplaatsingen rond de stad of in zones die minder goed bediend zijn door het openbaar vervoer. Volgens een studie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het gemiddelde traject 8 kilometer en 35 minuten lang voor carsharing met free floating, en 7 uur of 48 kilometer voor deelwagens met vaste standplaats.

Omgekeerd past carsharing helemaal niet bij werknemers die buiten de stad wonen en werken, omdat de meeste aanbieders van deelwagens enkel actief zijn in grote steden zoals Brussel, Antwerpen, Gent of Namen.

 

CAR-SHARING IN BELGIË

Verschillende bedrijven zijn in België actief in autodelen, van goed gekende spelers tot startups en leasebedrijven die hun aanbod willen verbreden. In dat laatste geval stellen zij een vloot ter beschikking van een bedrijf en delen de werknemers die wagens onder elkaar. Cambio is vandaag al 15 jaar actief in België. Het bedrijf met Duitse wortels biedt 1.426 auto’s in 54 Belgische steden aan op vaste standplaatsen.

Het aanbod is gebaseerd op een maandabonnement van 4, 8 of 22 euro afhankelijk van de noden, waar dan nog een prijs per kilometer bijkomt. Poppy, dat enkel actief is in Antwerpen en Brussel, biedt free floating deelwagens aan voor 0,36 euro per minuut. Er zijn 500 deelwagens, 400 e-scooters en 200 steps.

Hoewel Cambio meldt in 2019 meer dan 550.000 ritten te hebben verhuurd en de cijfers blijven stijgen, blijft het gebruik van deelwagens voor woon-werkverkeer zeer beperkt. Volgens een studie van SD Worx verklaart slechts 3 procent van de werknemers gebruik te maken van carsharing. Veel autodeelbedrijven hebben trouwens door een gebrek aan inkomsten al de deuren moeten sluiten in België, zoals DriveNow, ZipCar en Zen Car.

 

DE FISCALE REGELS VOOR CARSHARING

GEVOLGEN VOOR DE WERKNEMER

De kosten van carsharingdiensten (met vaste standplaats of free floating) worden gezien als autokosten en volgen de klassieke regels. Indien een werknemer een deelwagen gebruikt voor privéen/of woon-werkverplaatsingen wordt een voordeel van alle aard aangerekend volgens de CO2-uitstoot van het voertuig. Gebruikt een werknemer het voertuig enkel voor zuivere beroepsverplaatsingen, dan is er geen belastbaar voordeel van alle aard. Het voordeel wordt per gebruikdag berekend op basis van 365/366 dagen.

GEVOLGEN VOOR DE WERKGEVER

De fiscale aftrekbaarheid hangt af van de CO2-uitstoot van het voertuig. Vaak wordt die niet vermeld op de factuur. Ze is te vinden op het internet of via de carsharingonderneming. Indien een werknemer een deelwagen gebruikt voor woon-werk- en/of privéverplaatsingen is ook de CO2-bijdrage door de werkgever verschuldigd.

CAR-SHARING EN MOBILITEITSBUDGET:

Carsharing is ook mogelijk binnen het mobiliteitsbudget onder pijler 1 (maximum 95 gram CO2/km in 2021), of pijler 2 in de vorm van de huur van een vakantiewagen voor maximaal 30 kalenderdagen per jaar.

 

VOORDELEN

• Betaling per gebruik

• Voorbehouden parkeerplaatsen (bij carsharing met vast station)

• Handenvrije toegang via smartphone of kaart

NADELEN

• Beperkt gebruik

• Afhankelijk van aantal stations

• Enkel in de stad